Museum De Kleuskes - Geschiedenis

Om u een indruk te geven hoe de expositieruimte in de voormalige woonboerderij van de kinderen Van der Velden tot stand is gekomen, vindt u hierbij in het kort de geschiedenis van de familie (kinderen) Van der Velden.
   
Op korte afstand van de expositieruimte woonde eertijds Nicolaas van der Velden, in de Liempdse volksmond, vanwege zijn klein, stevig postuur, Kloaske van der Velden genoemd. “Hij was een eenvoudig, rechtvaardig, godvrezend man, waarvan niemand kwaad sprak. Zo staat te lezen op de tekst van zijn zwartgerande bidprentje. Nicolaas (Kloaske) van der Velden die leefde van 1818 tot 1908 was getrouwd met Maria van de Laar en had twee zonen, waarvan de jongste priester werd. De oudste zoon, Petrus van der Velden, geboren op 9 augustus 1852 werd al gauw, zoals in deze streken in die tijd gebruikelijk was, Piet van Klaoskes, genoemd.
   
Piet trad in de voetsporen van zijn vader en werd boer. Hij trouwde met Bertha Schoenmakers, Bertha van de Hoef genaamd, en kreeg twee zonen en drie dochters, die luisterden naar de naam Dorus, Marie, Jans, Anna en Johanneke. Samen groeiden ze op in een rooms gekleurde boerensfeer.
   
Toen Dorus, de oudste, 18 en Johanneke, de jongste, 9 jaar oud was, stierf moeder en drie jaar later vader. Een beroerde situatie voor de jongste van ‘de Kleuskes’, zoals ze al snel werden genoemd. Geen familie; enkel tante Dora leefde nog. Het was deze langlijvige tante Dora bij wie de Kleuskes gingen wonen, nadat er aan haar woning een stal en een schuur waren aangebouwd. Na haar dood in 1919 leefden de Kleuskes hier, voor en met elkaar, tezamen met een arbeider, een paard, een paar koeien, ’n varken, een paar kippen en een haan.
   
Kleine mensen, die op basis van ernst en bezorgdheid een glans van eenvoud en blijmoedigheid uitstraalden; die zuinig leefden en vasthielden aan tradities. Hun levensritme, dat gehuld was in boerenkledij en gestut werd door mik, stamp en peperkoek, trilde vanuit het verleden en gedoogde het heden. Het heden waarin ze leefde als bezorgde, bescheiden mensen, die anderen ter ere Gods hielpen en die een levenspad bewandelden, dat gevormd werd door werken, bidden, eten en rusten. Zij geloofden in God als opperheer; in Maria als troosteres en in de pastoor als herder van zijn kudde schapen. Ze geloofden in de kracht van het Lourdeswater, dat genezing brengt en in de macht van het ‘palmtakske’ dat, gedrenkt in wijwater, donder en bliksem weerstond.
   
Dit gedeelde Christelijke levenspad, geplaveid met tegels van verdriet, zorg en vreugd, werd korter en smaller met de dood in 1975 van Marie, van Johanneke in 1977, van Dorus in 1978, om te eindigen met de dood van Anna en Jans in 1982, ware het niet dat de Kleuskes bij testament hadden bepaald dat een deel van hun bezittingen dienstbaar gemaakt moest worden aan de Liempdse gemeenschap.
   
Stichting Kinderen Van der Velden.
Een stichting, de stichting 'Kinderen van der Velden' werd in het leven geroepen en gaf de wensen van de Kleuskes gestalte. De boerderij, een langgerekt, zachtademend gedoentje met stolpen, beelden, borden, biezematten stoelen en een met bedstee en goei kamer gesierd voorhuis, is daarom nog immer in tact, zoals het in 1982 verlaten werd. In de stal klinken thans de houten sleegers van de beugelclub. De hooizolder is in 1989, met behulp van enkele instellingen, ingericht als tentoonstellingsruimte en wordt beheerd door de plaatselijke heemkundestichting Kèk Liemt.

Museum

Bezoekadres:

Oude Dijk 19 - 21 (ingang De Kleuskes)
5298 BA Liempde

Contact

T. 0411632177/0411631854